• Zijn e-nummers schadelijk voor je lichaam?

    11 okt 2011 | Eten Tips
  • Veel fabrikanten voegen allerlei e-nummers (additieven) toe aan hun producten. Ze zitten werkelijk overal in. Kijk  eens naar de de ingrediëntenlijst op een chipszak, ontbijtdrink of elk willekeurig ander product. Je zal zien dat ze bijna altijd vergezeld gaan met een aantal e-nummers. De laatste jaren zijn mensen zich steeds meer bewust geworden van de negatieve aspecten van e-nummers. Veel is echter nog onduidelijk. Wist je namelijk dat veel e-nummers natuurlijk zijn? Bijvoorbeeld E160d (lycopeen), E101 (riboflavin) en E330 (citroenzuur). Deze ingrediënten zijn ook terug te vinden in een tomaat. Zelfs vitamine C is een e-nummer, namelijk E300. Maar wanneer zijn e-nummers nou schadelijk? 

    Wat zijn e-nummers?

    E-nummers staan voor additieven die zijn goedgekeurd voor gebruik binnen de Europese Unie. Additieven zijn toevoegingen aan producten om de eigenschappen te verbeteren of te veranderen. Ze worden bijvoorbeeld gebruikt om te conserveren, zodat een product langer houdbaar blijft.

    Natuurlijke en kunstmatige e-nummers

    E-nummers zijn te verdelen in natuurlijke en kunstmatige e-nummers. Natuurlijke e-nummers komen uit natuurlijke bronnen en hebben een plantaardige, dierlijke of minerale afkomst. Een voorbeeld is de gele kleurstof E100 die uit geelwortel wordt gehaald. Kunstmatige E-nummers worden in een laboratorium gemaakt. Deze additieven kunnen ook natuuridentiek zijn. Dat betekent dat de stof kunstmatig is gemaakt, maar dezelfde samenstelling heeft als een natuurlijke stof. Appelzuur E296 komt bijvoorbeeld natuurlijk voor, maar wordt ook kunstmatig gemaakt.

    Zijn e-nummers schadelijk?

    Veel e-nummers zijn in kleine hoeveelheden niet schadelijk. Het probleem is echter dat die e-nummers in heel veel producten zitten. Ongemerkt kan je daardoor toch een behoorlijke hoeveelheid e-nummers binnen krijgen. De Europese Unie heeft daarom per e-nummer de Aanvaardbare Dagelijke Inname (ADI) vastgesteld. Wanneer je je aan de ADI houdt, zou je volgens de EU geen schadelijke gevolgen ondervinden. Zelfs wanneer je het betreffende e-nummer iedere dag in bovengemiddelde hoeveelheid zou consumeren. Toch valt er een kanttekening te plaatsen bij de ADI. Het kan namelijk zijn dat je op bepaalde e-nummers allergisch reageert. Veel mensen zijn bijvoorbeeld allergisch voor bepaalde chemische zoetstoffen. In dat geval ligt jouw persoonlijke ADI lager dan de door de EU aangegeven ADI.

    Schadelijke e-nummers

    De volgende e-nummers kunnen niet volledig als onschuldig en onomstreden worden aangemerkt. Afhankelijk van welke deskundige je raadpleegt gaat het advies van ‘geen probleem’ tot ‘giftig’. Uitgaande van het voorzorgprincipe is ten minste ‘opgepast’ op zijn plaats.

    • Een Brits onderzoek toonde aan dat een in snoep voorkomend mengsel van kleurstoffen en het conserveermiddel natriumbenzoaat (E211) kunnen leiden tot hyperactiviteit bij kinderen. De Europese voedselautoriteit EFSA tekent aan dat het om een erg klein effect gaat en dat er twijfels zijn bij de manier van meten in het onderzoek. Het Europees Parlement maakte zich toch zorgen en heeft ervoor gezorgd dat fabrikanten een waarschuwing op het etiket moeten plaatsen als hun product deze stoffen bevat.
    • Een andere stof die voor controverse blijft zorgen, is de smaakversterker glutamaat (E620 t/m E625). Glutamaat zit onder meer in allerlei hartige snacks en soep, en wordt vooral in de aziatische keuken royaal toegepast. Na het eten van een chinese maaltijd, of ander voedsel met glutamaat, blijken sommige mensen klachten te ervaren als hoofdpijn, een brandend gevoel of tintelingen. Maar een verband tussen die klachten en zuiver glutamaat is nooit bewezen in (wetenschappelijk) onderzoek. In de studies waarbij het effect van realistische doses glutamaat werd vergeleken met dat van een nepmiddel, zorgde het nepmiddel even vaak voor klachten. Daarbij komt glutamaat ook via normale voeding in het lichaam: het ontstaat bij de vertering van eiwitten en wel in veel hogere doses dan e-nummers leveren. Glutamaat mijden is mogelijk maar niet makkelijk, omdat deze smaakversterkers in zo veel producten voorkomen.
    • Sulfiet en sulfietverbindingen kunnen ernstige overgevoeligheidsklachten veroorzaken (E150b, E150d en E221 t/m E228). Ook andere E-nummers worden ter discussie gesteld. De belangrijkste zijn aspartaam (E951), acesulfaam-K (E950), mononatriumglutamaat (E621), natriumnitriet (E250), propylgalaat (E310), buthylhydraoxyaniol (E320) en synthetische kleurstoffen als azorubine (E122).

    Conclusie

    De laatste jaren is een hoop massahysterie rondom e-nummers ontstaan. Toch is er geen reden om te wantrouwen. Beter is het om ze te leren begrijpen. E-nummers worden binnen de EU goed gecontroleerd en er worden regelmatig nieuwe studies gedaan die kunnen leiden tot het bijstellen van de norm. Opletten welke e-nummers producten bevatten is aan te raden, maar wees niet te paranoia. Eet gevarieerd, probeer natuurlijke producten te eten en kook veel zelf.